Het Kurt KR52BX verhaal. ...the saga continues

Kurt probeerde een paar andere oplossingen, en hij kwam uit op een parallel uitgangstrap met 2 uitgangstransformatoren. Het duurde ook even voor hij zich realiseerde dat hij zoveel vermogen niet nodig had, en daarom verlaagde hij de hoogspanning tot 550 VDC bij 140 mA. Het viel hem echter op dat na een lange tijd de anodes rood werden (per toeval ontdekt met alle lichten uit). Mijn advies is om de stroom te reduceren tot 125 mA en eventueel de spanning te verlagen tot 500 Volt. Hij is zeer tevreden met de kwaliteit, die is beter dan alles wat hij gehoord heeft. Er is echter wel wat vermogen nodig omdat hij de B&W 801 reeks gebruikt en die zijn niet zo gevoelig. (86dB/Watt/meter)
Ik wacht op foto's van het afgewerkte project.
Verderop deze pagina vindt je het nieuwe schema en het verhaal over het ontstaan van deze versterker.
Het Kurt KR52BX verhaal:
Inleiding
Een rare vogel met de naam Kurt, die slechts een soort Neanderthal dialect van het Nederlands spreekt, kwam op een dag de winkel binnengestapt en vroeg voor het beste dat we hadden met een heel veel vermogen. Toevallig hadden we net de Krone buizen ontvangen, en alhoewel deze heel duur zijn bood ik deze aan als oplossing voor 25 Watt RMS met 1 buis in Single Ended mode. Kurt zei echter dat hij meer vermogen wou, daarom stelde ik een pse versie voor die theoretisch 50 Watt kan leveren met een op maat gemaakte transformator die de hoge stroom kan verwerken. Het was toen ook (en misschien nu nog) erg in om SRPP of mu followers en scheidingstransformatoren te gebruiken om koppelcondensatoren, dus gingen we daarop verder. De specs van kr enterprises specifieërden 500 Volt anodespanning, -95 Volt rooster bias en een slordige 25 Watt RMS uitgangsvermogen.
Problemen:
Het hoofdprobleem was dat er slechts weinig vermogen uit het beest kwam (slechts 9 Watt),
maar wel een goede geluidskwaliteit. Een kleine controle leverde deze meetwaarden op:
U srpp = 244 volts Vin=2v peak Vout=25v peak
Uk srpp = 3,77v u anode = 121,2v Ianode = 3,77mA
U kt66 = 416v u anode kt66 = 403v uk = 149,2v ( into 3,75k)
Ianode = 39,7mA rdc LL1660 = 350
Dat leek goed te werken
Met 1 eindbuis:
De uitgangsspanning op de anode met belasting = 200 Volt piek, zonder belasting = 350 Volt piek
Met 2 eindbuizen:
De uitgangsspanning op de anode met belasting = 280 Volt piek, zonder belasting = 350 Volt piek
Verzadiging met de beste bias voor maximum uitgangsvermogen op 14,5 Volt piek bij 8,25 Ohm
De DC spanning daalde tot 480 Volt op de anodes bij 240 mA als gevolg van de weerstand van de smoorspoelen, de dempweerstand en de DC weerstand van de uitgangstransformatoren. Dat is veel te laag om het maximumvermogen te bereiken. Er trad ook clipping op wanneer de roosterspanning op grondniveau kwam. Dit is een probleem met bias verkregen via een potentiometer; deze kan geen stroom leveren (hoge impedantie).
Conclusie:
Dit is meer geschikt voor een traditionele 300B omdat je, ten gevolge van een grotere mu, meer vermogen krijgt. De voedingsspanningen zijn geschikt voor hoog vermogen, en dat resulteert in 25 Watt RMS uitgangsvermogen in pse mode. Hoedanook, met de Krones was het hoofdprobleem 2-voudig omdat deze telkens clipte wanneer het rooster dicht tegen grondniveaus kwam, en een lage impedantie bias voeding hielp niet. De enige manier om meer vermogen te krijgen was door de negatieve bias te verhogen (ten gevolge van de lage mu gemeten bij 3,5). Dit idee gaf aanleiding tot het bouwen van een nieuwe voeding.
Hoe dit probleem oplossen:
De negatieve bias voeding moest aangepast worden zodat deze roosterstroom kon leveren = positieve swing
In theorie levert dit ook 25% meer vermogen, maar dit werkt niet (waarom weet ik niet,
misschien is er iemand dit dit kan uitleggen.) Verder was de anodespanning veel te laag, 600 Volt
leek het minimum. Met de ervaring van de 845 SE werd een voeding op een houten bord gemaakt,
samen met een negatieve, lage impedantie bias voeding die 10 mA kon leveren.
Zonder belasting leverde deze 880 Volt DC (daalt tot 600 Volt met belasting) en een
negatieve bias tot -260 Volt (-135 Volt was voorzien).
De test:
Voor alle veiligheid werd de spanningsverdubbeling op minimum gezet, en de spanning op de anode steeg tot 560 Volt. Dit leverde reeds 35 Watt RMS op. Daarna werd de spanningsverdubbeling aangepast tot 720 Volt die daalde tot 680 Volt op de anodes bij 240 mA ruststroom. De bias voeding leverde -162 volt. Dit leverde 50 Watt RMS of 28,5 Volt piek bij een belasting van 8,25 Ohm, maar het clippen was niet volledig weg. Het rooster clipte nog steeds bij de positieve swing. Dit ligt waarschijnlijk aan de aard van de buis.
Opmerkingen over de herziene voeding:
De spanningsverdubbeling os noodzakelijk om de vereiste spanning te verkrijgen met mijn standaard ringkern voedingstransformator (goedkoop en werkt uitstekend).
De condensatoren die opgeladen worden door de dioden bepalen de uitgangsspanning: Xc = omega C
De spanningsval over deze impedantie is in verhoding met de geleverde stroom
320 Volt AC x 1,41 = 450 Volt DC
Xc = 14µF = 227 ohm
Voor een stroom van 240 mA geeft dit een spanningsval van 55 Volt
Het verlies is dus: 450 - 55 = 395 Volt x 2 = 790 Volt DC. Vermits de stroom door 2 smoorspoelen en de uitgangstransformator loopt (435 Ohm in totaal) bedroeg de spanning op de anode 685 Volt
De bias wordt verkregen door middel van een ringkerntransformator van een voorversterker met gelijkrichting en een aantal zenerdioden in serie om verschillende bias instellingen te hebben en een weerstand die de stroom op 15 mA instelt.
De spanning voor de gloeidraden is uiteraard gelijkgericht voor DHT maar is AC voor de SRPP en KT66
De uitgangstransformatore is de LL1623/250mA
Deze is uitstekend voor Krone 300B buizen omdat deze gewikkeld kan worden voor 680, 1440 of
2445 Ohm bij een 8 Ohm belasting.
Alle primaires staan in serie
De secundaires zijn als volgt aangesloten:
In serie: (11-19)- (20-12) - (13-21) - (14 -22)
In serie: (26-18) - (25-17) - ( 23-15) - (16-24)
Vervolgens zijn deze 2 groepen parallel geschakeld (ook wel gekend als de alternatieve D).
Nu het uitgangsvermogen de gewenste waarde heeft (Kurt lacht) kan ik beginnen
met de voeding te filteren om de brom tot acceptabele waarden te krijgen.
Het filteren gebeurt door middel van grote condenstaoren en een paar smoorspoelen.
De kwaliteit was het beste bij 620 Volt op de anodes en een maximum van 38 Watt RMS
heel zuiver uitgangsvermogen. Kurt wou meer, maar dat laten de specifikaties niet toe.
De kwaliteit bij 50 Watt is miserabel, en de buis is beperkt tot maximum 600 Volt DC.
Hieronder vindt je het schema. Er zijn overal onderdelen van hoge kwaliteit gebruikt, de scheidingstransformator was een zorgenking maar de Lundahl is heel goed, zelfs bij 50 mA, en de uitgangstransformator levert een mooi geluid. Voor de spanningsverdubbelaar zijn er papier in olie condensatoren gebruikt omdat de stromen nogal heftig zijn. Verder moet deze gestabiliseerd zijn omdat SE ontwerpen gevoelig zijn voor brom, in het bijzonder in de eerste trappen.
Al bij al eindigt dit verhaal goed. De Kr fabriek is echter niet heel precies met hun specifikaties, dus let daar even op, en meet vooraleer je begint te bouwen (wij moesten helemaal opnieuw beginnen met als gevolg dat het mooie koperen chassis enkel nog goed is voor de vuilbak.
Ik zou iedereen willen bedanken die mijn web site bezocht heeft, en ook mijn klanten omdat zonder jullie feedback deze projecten niet tot stand zouden zijn gekomen.
Het schema en een foto van het prototype:


Hoogachtend
Benny Glass
copyright webdesign 2002 aquablue Benny Glass
Heeft u vragen? Wilt u meer informatie? Mail ons: sales@diyparadiso.com